PortalIndexKalenderFAQZoekenGebruikerslijstGebruikersgroepenRegistrerenInloggen



 

Deel | 
 

 I can be the light of the fireflies decorating your grave || Dyonsius

Vorige onderwerp Volgende onderwerp Go down 
AuteurBericht
Ronodan
-
-
avatar

PROFILEElite
Real Name : Aylan
Posts : 1156
Points : 0
MAGICIAN
✦ CHARACTER ✦
Magic: Lucht, beetje aangeleerd vuur
Klas: none
Partner: Can you feel my heart? It's beating you name...

BerichtOnderwerp: I can be the light of the fireflies decorating your grave || Dyonsius   wo nov 30 2016, 01:05

Het houtblok brak met een vermoeide zucht doormidden. Het overwinnende geluid van het knetterende vuur verdreef voor enkele seconde de stilte en liet Ronodan opkijken van zijn werk. Hij had Dyosius weggestuurd om beneden de post voor hem te halen. Het werd niet langer voor hem naar boven gebracht en hij had geen zin om zelf te gaan als hij die achterlijke vogel kon sturen. Dan kon hij tenminste een keer rustig doorwerken.
Zo bleef hij even in het vuur staren totdat hij abrupt opstond, de kan water van tafel pakte en de inhoud ervan in het vuur smeet. Hij keek toe hoe de rook sissend en krijsend opsteeg en vervaagde. Het geluid van geklop op zijn deur haalde hem ruw uit zijn gedachten. Zijn hoofd richtte hij verstoord op terwijl hij met een achteloos gebaar de wind beval de deur open te gooien. In de opening stond een tenger persoon. De identiteit bleef onbekend aangezien een grote mantel met een capuchon alles verborgen hield. 'Ronodan Ágústson?' vroeg de stem vragend. Een stem die hij nu bij een vrouwelijk persoon kon plaatsen. Langzaam knikte hij waarop de, veroedelijke, vrouw haar hand uitstak met een brief erin. Ronodan keek van haar hand naar de schaduw onder de capuchon. 'Meestal wordt mijn post beneden afgeleverd,' sprak hij kalm. 'Ik ben ingehuurd door de spoedbezorging,' was het enige antwoord dat hij terug kreeg. Nu liep hij dichterbij maar maakte nog geen aanstalten om de brief aan te nemen. 'Alstublieft, het was dringend,' begon de vrouw nu, duidelijk aan het einde van haar geduld. 'Dringend?' herhaalde hij met opgetrokken wenkbrauw. 'Ik moest het aan u geven, alleen aan u. En zo snel mogelijk,' dacht hij met een trilling in haar stem te horen. Langzaam nam hij de brief aan en wuifde dat ze weg kon maar dat was niet nodig geweest. Ze had zich al op haar hielen omgedraaid voordat hij de brief goed en wel in handen had gehad. Hij wachtte tot hij het geluid van haar voetstappen niet langer kon horen. Daarna gleden zijn ogen naar de brief. Alleen zijn naam stond erop. Geen afzender. Hij draaide de brief om en verstijfde. Een zegel in donkeroranje was staarde hem recht aan. Het alziende oog van de Luchttempel boorde diep in zijn ziel. Hij kende maar een persoon die zo'n zegel zou gebruiken bij een brief aan hem. Reárinn hoorde hij achter zich fluisteren. Zijn blik schoot naar het geluid. In de hoek stond een man. Wilde zwarte lokken en diepe groene ogen die afstaken tegen zijn lichtgebruine huid keken hem serieus aan. Hij was een hallucinatie. Hij was niet echt. Hij kon niet echt zijn. Hij was dood...
Ronodan liet zijn adem zacht ontsnappen terwijl hij het zegel verbrak en de brief openvouwde. De enveloppe viel al snel op de grond terwijl zijn ogen over de regels flitsten.

Je was te zeker van jezelf, te onvoorzichtig.
Laat deze hoogmoed nu nogmaals je val zijn.
Want de eerste keer heb je er blijkbaar niks van geleerd.
Ik ben onderweg...

'Kan niet,' fluisterde hij terwijl hij de brief liet zakken. Hij sloot zijn ogen, probeerde het moment voor geest te halen. Ze kon het niet overleefd hebben! Iemand haalde hier een zieke grap met hem uit. 'De kans bestaat,' hoorde hij zachtjes. 'Reá is dood! Ik heb het zelf gezien! Ik hield verdomme het mes vast!' riep hij uit. 'Heb je het lijk gezien? Haar graf? Waarom ben je zo zeker van jezelf? Heb je dan echt niks geleerd?'. 'Hou op,' snauwde Ronodan zachtjes naar de schimmen in de kamer. Het bleef stil. 'Ze is als onkruid. Onkruid vergaat niet Ro. Zelfs de kleinste mogelijkheid dat ze het overleefd heeft...,' de fluistering klonk bijna smekend maar Ronodan schudde verwoed zijn hoofd. 'Ze is niet dood. Ze komt hierheen. Niemand mag weten dat ze nog leeft,' mompelde hij in zichzelf. Hij moest haar vinden, kostte wat het kost. Rusteloos liep hij door Angani, stijf van de adrenaline. 'Ro, als ze nog leeft en ze komt hierheen, dan...,' begon het zachte gefluister weer. 'Dan komt ze voor wraak. Dan wordt ik terechtgesteld zoals ze in eerste instantie al had willen doen,' zei hij. 'Je zal sterven,'.

Ro beet zachtjes op de nagel van zijn duim totdat een blauwe flits in zijn ooghoek zijn aandacht trok. Zijn lichaam reageerde als een roofdier op jacht. Een sterke windvlaag sloeg de deur dicht en sneed de vluchtroute van de jonge blauweharige studente af. Zijn blik, manisch en niet langer in staat helder te denken, keek haar straks aan. 'Wat heb je gehoord?' vroeg hij schor. Het kon hem niet schelen wie ze was of waar ze vandaan kwam. Wat had ze hem horen zeggen tegen zichzelf in de lege kamer. De studente zag er jong uit. Hoogstens vijftien jaar. Ze zag er klein en mager uit. Maar het was iets in haar blik wat niet goed viel bij Ronodan. Nu keek ze nog angstig naar hem maar dat veranderde snel. 'Genoeg om te weten dat je me niks kan doen,' haar arrogantie en betweterigheid liet hem zijn tanden op elkaar klemmen. 'Je krijgt maar een kans. Ga en vergeet wat je gezien en gehoord hebt als je verder wilt blijven leven,' begon hij kalm al was dit slechts schijn voor de storm die in hem zat. Even leek ze te twijfelen. Ze opende haar mond maar haar houding had genoeg verraden dat ze niet zou doen wat hij van haar gevraagd had. Zonder waarschuwing schoot Ronodans hand uit, omklemde haar ranke hals en smeet haar met volle kracht tegen de deur aan. Hij hoorde haar naar adem happen toen hij haar los liet. Haar blauwe ogen keken verschrikt naar hem op. 'Ik ga weg,' hoorde hij haar zachtjes piepen mar hij schudde als onder hypnose zijn hoofd. 'Die kans is verspilt,' zei hij waarna hij opnieuw naar haar uithaalde. Ze dook onder hem door en probeerde naar het raam te rennen waar zich het balkon van Angani bevond maar nog voordat ze halverwege de kamer was had Ronodan haar bij haar arm gegrepen en tegen de muur geslingerd. Ze zakte even in, een stroom bloed droop langs haar slaap en verkleurde haar ooit zo prachtig blauwe lokken. Ze kwam weer bij zinnen en probeerde onder zijn bureau weg te kruipen maar hij gooide het meubelstuk omver om bij haar te komen. Ditmaal had hij slechts de rand van haar kleding vast en een scheurend geluid was voor haar het teken van vrijheid. Ze sprong over de bank heen om iets van een muur tussen hen in te hebben maar Ronodan haalde uit. Beiden vielen samen met de bank omver. Hij had haar arm stevig vast terwijl hij met zijn andere hand een vuist vol haar greep. Hij hoorde haar hijgen en jammeren en sloeg haar hoofd tegen de vloer. Hij wilde het niet horen. Haar neus zag er gebroken uit maar ze trapte en sloeg nog steeds om zich heen. Op een gegeven moment raakte ze hem in zijn maagstreek en zag Ronodan zich gedwongen haar los te laten. Ze kroop onmiddellijk bij hem vandaan maar sterke opstekende storm smeet haar tegen de boekenkast die over haar heen viel. Even was het stil. Voorzichtig liep hij dichterbij en tilde de kast op. Ze ademde nog steeds maar haar arm lag in een abnormale positie. Zo een waarbij het bot uitstak. Hij kon haar laten liggen. Ze zou uit zichzelf niet meer overeind komen. Maar dat kon niet. Ze had hem horen praten. Hij greep haar weer vast. Ze stribbelde tegen voor zover ze kon. Ze trapte en probeerde te bijten. Hij legde zijn hand om haar nek en drukte haar stevig tegen zich aan terwijl hij met zijn andere hand haar hoofd aan haar haren overeind hield. Hij verstevigde zijn grip en hoorde haar naar adem snakken. De penetrante geur van bloed was alles wat hij nog rook terwijl haar sputteren steeds minder werd. Het geluid van haar hart werd zachter en zachter. Uiteindelijk was ze weg. Slap en levenloos lag ze in zijn armen. Hij staarde blind voor zich uit, niet in staat een zinnig woord uit te brengen. Zijn greep verslapte en hij liet haar op de grond vallen, zijn interesse verloren. Loom liep hij naar een van de weinige kasten die nog overeind stonden en schonk voor zichzelf een glas whiskey in. Hij zette een van de stoelen weer rechtop en nipte van zijn glas temidden van alle ravage, haar lijk aan zijn voeten.

[Note: Ik heb toestemming van de speelster van Gwendydd om dit te schrijven en te powerplayen. Also Dyo, halp? xD]

_________________
Celia || Aloiysius || Ronodan || Miss Oriël || Hunter || Mordecai


You cant do anything to me,
that I haven't done to myself yet...
Credits:
 


Laatst aangepast door Ronodan op zo dec 25 2016, 14:08; in totaal 1 keer bewerkt
Terug naar boven Go down
Profiel bekijken
Dyonsius
-
-
avatar

PROFILEGuardian
Real Name : The Summoner
Posts : 49
Points : 0
MAGICIAN
✦ CHARACTER ✦
Magic: Air
Klas: x
Partner:

BerichtOnderwerp: Re: I can be the light of the fireflies decorating your grave || Dyonsius   wo nov 30 2016, 14:16

De postman, of hoe hij ook officieel heette, pakte alle post klaar die voor Ronodan was. De licht kalende en tevens ook grijzende man deed er nog vrij lang over ook. Dartelend keek Dyo om zich heen, de priemende blikken van een paar andere aanwezige negerend. De stem van de man die over de post ging, trok zijn aandacht en Dyonsius keek op. Een kleine buiging als dank richtte hij naar de man, waarna hij zijn snavel opende om de post voorzichtig aan te pakken. Jammer genoeg werd hij verstoord in zijn doen, doordat een pijnprikkel bij staartaanzet hem deed omdraaiend. Boos sissend en met opgezette veren boorde zijn ogen zich in de, nu angstige, van een jong jochie. Hij had die leeftijd waarop ze vervelend gingen doen, alles deden wat niet mocht. Diens vriendjes trokken hem snel weg en nog even snoof Dyo boos. Het had niet veel gescheeld of hij had tijdens het omdraaien naar de jongen uitgehaald in reactie. Nog na mopperend en met langzaam zakkende veren richtte hij zich hierna weer op de oudere man en pakte deze maal de post wel aan. Eigenlijk zou het handig zijn, als hij een tasje had die hij af en om kon doen en dat daar dan de brievenpost van zijn legendarische magiër in kon. Wie weet, kon hij het via, via wel regelen.

De weg terug naar de heer zijn vertrek ging stilletjes. Er waren zo hier en dan wat leerlingen die hem aanstaarde en sommige wilden hem zelf aanraken. Dat laatste liet hij wel toe, voor heel even en als ze maar zachtjes deden. Hierdoor werd zijn weg terug vertraagd. Hopelijk zou de heer van de lucht het niet te erg vinden. Want Dyo deed zijn best om een goede adviseur te zijn, maar kreeg veelal het idee dat Ronodan hem niet zo erg mocht. Wie weet, was het de man zijn karakter, maar hij dacht toch echt te hebben opgevangen dat hij bij een paar van zijn menselijke leeftijdsgenoten niet zo koud was. Ach ja, met een beetje mazzel werd het mettertijd beter. Ze kende elkaar dan ook nog niet heel lang, en ook niet heel goed. Eigenlijk wist Dyo vrij weinig van de persoon die hij moest adviseren. Met een klein, piepend geluidje, murmelde hij zachtjes. Nadenkend. Het vragen zou averechts werken, dacht hij zo. Het beste wat zich er maar bij neerleggen en afwachten op een hopelijk ooit kleine verwarming bij de man vandaan, een lichte openheid.

Zo in gedachten verzonken was hij al snel terug bij Angani. Ja, hij had buitenom kunnen gaan en richting de kamer gevlogen, om vervolgens te landen op het balkon. Maar hij durfde dit niet. Zijn landingen waren nog altijd niet perfect en hij zag het zo gebeuren dat hij iets stukmaakte. Zei het zichzelf, het balkon of een raam. Dat wilde hij niet op zijn geweten hebben, het zou zijn band met de heer waarschijnlijk ook niet ten goede komen. En dus was hij binnendoor gegaan. Met in zijn snavel een stapeltje post voor Ronodan, keek hij op naar de man. Klaar om hem te vertellen dat hij zijn taak volbracht had. Maar de woorden bleven in zijn hoofd steken, gingen niet mentaal naar de andere toe, en verdwenen. Want de geur van bloed was zijn neusgaten doorgedrongen en een kleine bron daarvan lag in kleine plasjes en spetters door de kamer, maar de grootste bron ervan lag stilletjes en levenloos, zielloos aan Ronodan's voeten.

Stilletjes kwam de griffioen dichterbij en, met zijn snavel nog altijd vol met post, tikte hij het blauwharige meisje voorzichtig aan. Het was een zinloze, tevergeefs hoop geweest dat ze wakker zou worden of enig teken van leven zou geven. Haar lichaam was al langzaam aan koud aan het worden. Dit mensje, meisje, een leerlinge niet ouder dan de jongen van eerder, was niet meer. Haar leven uit zich geperst. De kamer was een grote puinhoop. De boekenkast lag om en het bureau ook. Nog altijd had de adviseur geen woord gezegd en in diezelfde stilte legde hij de post op het tafeltje, voor Ronodan neer. 'Je hebt haar van het leven beroofd.' waren de woorden die er in Ronodan's hoofd zouden galmen. Het was ook geen vraag, Dyo zou ook niet meteen vragen waarom. Het was een feit. Het was overal aan te zien. Aan deze ravage. Wederom was het stil en het wezen tilde zijn poot op. Aan zijn geklauwde poot zat wat bloed. Niet die van zijn prooi maar van het blauw harige kind. En Ronodan zat erbij, alsof het de normaalste zaak van de wereld was. Met een woedende zwiep van zijn kop, gooide hij het glas uit de man zijn handen. Het landde ergens te midden van de bende. 'Je hebt haar gedood. Waarvoor? Wat was je redenering? Ook ik dood, maar ik dood mijn soortgenoten niet en ik dood met een doel. Voedsel. Overleven. Jij?' Zijn veren waren lichtjes opgezet. De paniek raasde door zijn lijf, want hoewel hij gewoon was met de dood, was dit anders. Het meisje was, in zijn ogen, nog haast een kuiken. Onwetend over de wereld. Kinderen, kuikens. Allemaal hetzelfde. Jonge dieren die moesten leren over deze wrede wereld. Niet alles overleefde natuurlijk, dat was de wet van de natuur, maar moord zonder doel was anders, dit wist Dyo zelf maar al te goed. Het leek hem namelijk niet dat Ronodan een soortgenoot zou gebruiken als voedselbron. Niet met alles wat de mensen aten in die grote zaal.

Deze situatie verwarde hem vooral. Het had hem overdonderd. Maar zijn paniek en emotie zouden de overhand niet krijgen. Nog niet. Zeker niet, als hij nog niet was waarom Ronodan deze actie gedaan had. Dit wilde hij graag weten. De reden waarom. Met een klein geluid, iets wat leek op een zucht, pakte Dyo een stuk papier, een brief, met daarop symbolen, letters, die hij niet kon lezen. De taal kon hij verstaan maar het lezen was een heel ander verhaal. Hierna legde hij de brief bij de rest van de post. Was dit er eentje die hij net per ongeluk had laten vallen? Nee, deze was al geopend. Met een zwiepende staart en zijn hoofd ietsjes schuin richtte hij zich weer op de man voor hem, wachtend op een uitleg met nog altijd een zielloos meisje naast hun beide op de koude grond van Angani.

_________________
Terug naar boven Go down
Profiel bekijken
Ronodan
-
-
avatar

PROFILEElite
Real Name : Aylan
Posts : 1156
Points : 0
MAGICIAN
✦ CHARACTER ✦
Magic: Lucht, beetje aangeleerd vuur
Klas: none
Partner: Can you feel my heart? It's beating you name...

BerichtOnderwerp: Re: I can be the light of the fireflies decorating your grave || Dyonsius   zo dec 25 2016, 14:08

Hij had het in eerste instantie niet eens door dat hij niet langer alleen in de kamer was. In zijn hoofd was een storm van gedachten aan de gang en het vertroebelde zijn geest. De whiskey die hem tot rust moest brengen brandde in zijn keel en liet hem eigenlijk alleen maar meer afdwalen in die orkaan dan dat het hem goed deed. Misschien was het ook maar beter dat hij Dyonsius' aanwezigheid nog niet door had. In de staat waarin Ronodan nu verkeerde viel hij alles aan wat bewoog. Er kwam weer een beetje leven terug in zijn ogen toen hij iets anders in zijn hoofd hoorde dan slechts zijn eigen gedachten. Langzaam gleden zijn ogen naar de griffioen, eerst verward, alsof hij heel diep moest nadenken waar hij precies naar keek.

Het glas werd uit zijn hand geslagen en hij hoorde het ergens verderop op de grond kapot slaan. Nog een paar seconden bleef zijn hand in de positie alsof hij het glas nog steeds vast had maar langzaam zakte zijn hand. Hij stond langzaam op. De arm van het meisje had tegen zijn voet aangelegen en werd nu opzij getrapt toen hij in beweging kwam. Met de bebloedde vingers van zijn hand pakte hij de lege enveloppe Rode vegen van zijn vingerafdrukken bleven achter op het papier toen hij het omdraaide met het zegel naar boven. 'Dit is het alziend oog van Puffoon. Een teken van de luchttempel krijgers,' fluisterde hij. Zijn stem klonk schor en afwezig. Zijn ogen konden niet wegkijken van het zegel. 'Ik moet naar Puffoon,' waren de volgende woorden die zijn lippen vormden maar amper over zijn tong kwamen. Hij liet de enveloppe terug op de tafel vallen terwijl zijn lichaam onrustiger werd. Hij keek Dyonsius recht aan. 'Ze hoorde me,' er lag iets vreemds in zijn blik. Ineens greep hij het meisje van de grond aan haar haren. 'Dit is niet het gezicht van pure onschuld!' siste hij waarna hij haar weer als oud vuil liet vallen. Zijn stem werd weer kalmer. 'Mensen zijn anders. Mensen manipuleren, willen kapot maken. Ze overleven op een ander niveau. Ze had me kapot kunnen maken,' sprak hij terwijl hij tussen de ravage van omgegooide spullen door liep op zoek naar Reá's brief om hem te verbranden. 'Jij...had wetenschappers...ik heb Reá,' sprak hij terwijl hij de brief opraapte. Maar voordat hij er iets mee kon doen overviel een helse pijn hem. Zijn hand vormde zich tot een vuist zodat de brief verfrommeld werd. Zijn andere hand greep naar de ijzeren band om zijn nek maar dat zou de pijn niet stoppen. De kamer begon om hem heen te draaien terwijl hij het gevoel kreeg dat iemand hem langzaam de keel doorsneed. Uiteindelijk wankelde hij en viel hij op de grond. Hijgend probeerde hij zichzelf overeind te houden maar het was net alsof de band hem exact wilde laten voelen wat hij zojuist het blauwharige meisje had aangedaan. Hij klemde zijn kaken op elkaar en probeerde zijn ademhaling onder controle te krijgen. Het had een eeuwigheid kunnen duren voor zijn gevoel. Uiteindelijk stopte de pijn al bleef het gevoel hangen. Uitgeput viel hij hijgend op zijn rug, zijn ogen naar het plafond gericht.

_________________
Celia || Aloiysius || Ronodan || Miss Oriël || Hunter || Mordecai


You cant do anything to me,
that I haven't done to myself yet...
Credits:
 
Terug naar boven Go down
Profiel bekijken
Dyonsius
-
-
avatar

PROFILEGuardian
Real Name : The Summoner
Posts : 49
Points : 0
MAGICIAN
✦ CHARACTER ✦
Magic: Air
Klas: x
Partner:

BerichtOnderwerp: Re: I can be the light of the fireflies decorating your grave || Dyonsius   ma jan 16 2017, 14:43

Het was alsof de man voor hem er niet was. Geestelijk niet. Zijn ogen stonden afwezig, ver weg. Hij leek Dyo niet eens écht te zien, al liftte de mist langzaam van zijn ogen weg en leek hij de griffioen weer te herkennen. De vlaag van woede overviel de adviseur, en voor hij ook maar echt door had gehad wat er was gebeurd, had hij het glas met de sterk ruikende vloeistof uit de man zijn handen geslagen. Als hij in een andere gemoedstoestand was geweest, had hij een sorry gezegd. Maar deze keer niet. De hand van de man bleef nog voor even in dezelfde houding zitten, alsof hij het glas nog vast had. Na een paar seconden nog in stilte te hebben gezeten, stond de man op waarop Dyo een aantal stappen achteruit deed. Een van zijn achterpoten raakte het nu koud wordende maar nog niet stijve lichaam van het meisje. Zijn ronde ogen liet hij even over haar levenloze lichaam gaan, waarna hij opkeek bij het horen van Ronodan’s stem. Dyo bekeek het zegel aandachtig. Over de luchtkrijgers had hij gehoord. Hij had oude verhalen gehoord, van zijn vader.. over de luchtkrijgers. Ze hadden geprobeerd een paar griffioenen tot rijdier te maken. Maar of ze daarin geslaagd waren of zijn, had Dyonsius vooralsnog niet gehoord. Dit nu uitspreken deed hij niet, daar was het niet de tijd nog de plaats voor. Langzaamaan keek hij weg van het zegel en naar de man voor hem toen er weer woorden klonken. Puffoon. Een planeet die thuis was voor vele van zijn soort. Ook voor hem, al had hij er nooit veel van gezien. ‘Als jij gaat, ga ik mee.’ Sprak het wezen stellig, standvastig. Hij was niet voor niets de man zijn adviseur. En dat zou hij aan hem bewijzen ook. Zijn stellige, overtuigde, gemoedstoestand verdween echter als sneeuw voor de zon bij de woorden en de vreemde blik van de legendarische magiër. ‘Wat heeft ze gehoord?’ Was de vraag geweest die de griffioen had gesteld. Zonder verdere waarschuwing, greep de roodharige LM de haren van het meisje vast, trok haar omhoog en siste. Het deed Dyonsius denken aan een slang in de aanval, of aan een vogel of griffioen in nood. Reageren op zijn woorden deed hij dan ook niet. Het zou nu geen zin hebben. Het meisje zag er, naar wat er nog te zien was, onschuldig uit. Met een doffe plof landde het meisje als een lappen pop weer terug op het kleed, ogen starend in het niets. Zielloos.
‘Ik weet dat mensen anders zijn.’ Murmelde het wezen na Ronodan aangehoord te hebben. ‘Gezien, gevoeld, geroken en gezien wat ze aan kunnen richten.’ Klonk het al grauwend terwijl hij de beelden van toen en de herinnering probeerde weg te drukken. ‘Ze hebben mij kapot gemaakt.’ Eindigde hij, doelend op zijn onwetendheid van vele dingen en op zijn wankele poten. Niet dat alle mensen zo waren. Dat had hij te weten gekomen in zijn eerste week hier.

‘Denk je echt, dat ze het gedaan had? Had ze haar mond niet gehouden na wat van je legendarische, felle, grove woorden?’ Vroeg het dier zich hardop af. Of Ronodan zou antwoorden, zo zou denken of zo zou redeneren viel nog te bezien. De LM was nu in een aparte gemoedstoestand. Dan was er nog het verschil in leeftijd, en het verschil in soort. Ze waren in een aantal opzichten totaal verschillend. Wat kon leiden tot het niet begrijpen van bepaalde acties en situaties. ‘Reá’ Herhaalde het wezen zachtjes. Hij had flarden van verhalen over haar en Ronodan opgevangen. ‘Is er een reden dat je haar nu aankaart?’ vroeg hij, lichtelijk in de war over waarom hij deze Reá en de wetenschappers over één kam scheerde. De woorden hadden Ronodan nog niet eens goed bereikt, merkte Dyo, of de man balde zijn vuist en greep naar de grote halsband rondom diens nek. Iets waarover Dyo al langer had verwonderd over waarom het er zat, maar er nog nooit naar had gevraagd. Dat durfde hij eerlijk gezegd niet. En nu nog steeds niet. De man had een muur rondom hem, waardoor Dyonsius niet door heen kon breken. Dat idee had hij althans. Of het klopte, dat wist hij niet. In verontrusting bleef Dyo naar hem kijken, licht heen en weer ijsberend met opgezette veren. Wankelend op zijn benen, viel de man op de grond waarop Dyo uiterst voorzichtig een stapje dichterbij zette. ‘Ronodan?’ De staart van de griffioen zwiepte van links naar recht, steeds heen en weer. Toch wel ongerust over dit hele gebeurde, waren zijn vleugels lichtjes aan het trillen. Tegen de tijd dat Ronodan stil op de grond lag uit te hijgen, trippelde de griffioen voorzichtig naar hem toe. ‘Dus..’ murmelde hij terwijl zijn grote griffioenen hoofd boven die van Ronodan hing, haast snavel aan neus. ‘Ben jij oké?’ waarna hij de man zijn schouder aantikte met zijn snavel. Vervolgend deed hij een tweetal stappen achteruit, de man wat ruimte gevend, om dan omhoog te springen als een kat die opgeschrikt werd. Wild klapperend met zijn vleugels landde hij een metertje verder op weer op de grond, schuddend met zijn nu linkerachterpoot. Zijn poot was op het lichaam van het meisje terecht gekomen, en had door het gewicht en de scherpe klauwen, door de zachte huid van haar buik gegleden. Daardoor was er een haast misselijkmakend geluid te horen geweest waarna zijn poot nat raakte. En daar was hij van geschrokken. ‘Ze moet hier weg. Lijkt me niet dat je Eres wilt melden dat je een leerlinge hebt omgebracht. Ze is geen konijn of vis of hert wat niet gemist wordt en kan verdwijnen.’ Sprak Dyo zachtjes en meteen al ontdaan bij het idee dat ze haar moesten weghalen zonder het te melden, terwijl hij zijn poot probeerde te ontdoen van de lichaamssappen.

_________________
Terug naar boven Go down
Profiel bekijken
Ronodan
-
-
avatar

PROFILEElite
Real Name : Aylan
Posts : 1156
Points : 0
MAGICIAN
✦ CHARACTER ✦
Magic: Lucht, beetje aangeleerd vuur
Klas: none
Partner: Can you feel my heart? It's beating you name...

BerichtOnderwerp: Re: I can be the light of the fireflies decorating your grave || Dyonsius   di jan 17 2017, 20:47

'Nee. Dat kan niet,' het was het enige wat hij gezegd had tegen Dyonsius toen de griffioen gezegd had met hem mee te gaan als hij naar Puffoon wilde. Ronodans bezoek zou geen goede gelegenheid betreffen. Als hij wilde afrekenen met Reá kon hij de jonge griffioen daar niet bij gebruiken. Hij zou het niet begrijpen. De vraag van Dyo kon hij amper beantwoorden. 'Hem...mij...,' uiteindelijk kwam er alleen een vaag soort grom uit zijn keel terwijl hij langs zijn gezicht wreef, ook rode strepen daar achterlatend. De geur liet zijn gedachten terug dwalen naar het meisje en voor een moment verloor hij zichzelf weer terwijl hij haar aan haar blauwe lokken overeind trok om haar levenloze lichaam daarna net zo hard terug op de grond te laten vallen. Zijn troebele gedachten waren alweer verder en zijn woorden leken er maar een beetje achteraan te sukkelen. Waarschijnlijk zonder logica of houvast voor de ander om te begrijpen waar hij het over had.

Zijn ogen schoten terug naar Dyonsius. 'Ze was een risico. Ik kon het niet riskeren,' was het enige wat hij zei. Alsof dat alles zou verklaren. Natuurlijk was er een kans geweest dat ze nooit een woord zou hebben gezegd. Maar hoe had hij dat ooit zeker kunnen weten? En misschien was ze nu te bang geweest, maar er kon een dag komen waarop ze kon besluiten om dapper te zijn en wel haar mond open te trekken. Zjn gedachten stormden verder. De storm bracht hem naar de kern van alle ellende: Reá. Hij begon over haar te praten zonder duidelijke aanleiding. 'Zij...,' begon hij zachtjes maar verder was hij niet gekomen. De mist in zijn hoofd loste op en het gevoel kwam terug, genoeg om de pijn te voelen die als duizend messen door zijn lijf sneed. Waarschijnlijk brandde de band al sinds de eerste gedachten om het meisje iets aan te doen maar had zijn brein het simpelweg uitgezet. Verblind door de gekte en de paniek. Maar nu dat zich terug trok was de pijn volledig aanwezig in al haar hevigheid. Het maakte praten onmogelijk en bewegen onverdraagzaam.

Het plafond was het enige waar hij naar kon kijken. Het enige wat niet om hem heen draaide. Het zilverkleurige oppervlak waar hij zijn eigen troebele spiegelbeeld bijna in kon onderscheiden van de rest in de kamer. Tenminste, daar keek hij naar totdat Dyo weer in zijn gezichtsveld verscheen. Zijn ogen schoten naar de griffioen en hij voelde de adviseur tegen zijn schouder duwen. Hij gaf geen antwoord. Hij ging bij zichzelf af of hij inderdaad oké was. Hij ademde nog steeds, hij kon zijn hart voelen kloppen. Biologisch gezien hield dat in dat hij er nog steeds was. Maar of hij dat mentaal ook kon zeggen? Hij probeerde zich voorzichtig overeind te duwen toen hij Dyo's stem weer hoorde en keek naar de griffioen. Hij knikte langzaam en kek weer naar het lichaam van het meisje. 'Ze moet verbrand worden. Als ze begraven ligt kan ze terug gevonden worden en geïdentificeerd,' sprak hij op een ijskoude manier die eng duidelijk maakte dat hij dit vaker had moeten doen. Hij hees zichzelf overeind, zocht even steun bij de muur maar liep toen naar het dode lichaam om haar zonder enige moeite over zijn schouder te slingeren. 'Ik kan me voorstellen dat je vragen hebt,' begon hij daarna zacht. Daarna ging zijn blik naar de griffioen. 'Vraag maar. Ik zal eerlijk antwoorden,' vervolgde hij ten slotte.

_________________
Celia || Aloiysius || Ronodan || Miss Oriël || Hunter || Mordecai


You cant do anything to me,
that I haven't done to myself yet...
Credits:
 
Terug naar boven Go down
Profiel bekijken
Dyonsius
-
-
avatar

PROFILEGuardian
Real Name : The Summoner
Posts : 49
Points : 0
MAGICIAN
✦ CHARACTER ✦
Magic: Air
Klas: x
Partner:

BerichtOnderwerp: Re: I can be the light of the fireflies decorating your grave || Dyonsius   do jan 19 2017, 15:06

Teleurstelling schoot door hem heen bij de woorden dat hij niet mee kon naar Puffoon. Hij had het wel verwacht want hij kende Ronodan onderhand wel een beetje, maar toch. ‘Waarom niet? Wat je redenering?’ Vroeg hij daarna aan de man. Als hij dan niet mee mocht, wilde hij wel even weten waarom precies niet. Op zijn vraag over wat het meisje gehoord had, hoorde de griffioen geen duidelijk antwoord. De LM veegde met een hand over zijn gezicht, een actie die rode strepen van bloed op zijn gelaat achter liet. De man leek zichzelf weer te verliezen, toen hij verder stil was en het levenloze lichaam van het meisje hardhandig omoog trok aan het fel gekleurde haren, waarna hij het net zo hard weer terug liet vallen. Vrij snel daarna leek hij iets helderder, en beantwoordde hij de eerder gestelde vraag met iets meer dan wat onsamenhangende woorden. ‘Je bent iemand die erg op je eigen bescherming let, iets wat ik kan begrijpen.’ Redeneerde hij. Fel reageren of boos worden had geen zin, merkte hij en als hij eerlijk was had hij daar ook de zin en energie niet meer voor. Dan maar accepteren wat er gebeurd was en zo rustig mogelijk blijven. Na een korte stilte vroeg de griffioen hem over Reá, maar het enige wat hij eruit kreeg was een “Zij” Erover doorvragen deed hij niet. Het leek er niet op dat Ronodan op het moment in staat was een duidelijk antwoord te geven.

Dat de griffioen schrok van hoe Ronodan op die band reageerde, kon je wel stellen. Verontrust was hij dan ook naar de man toe gestapt, toen hij op de grond belandde en uiteindelijk stil lag, na een klein gevecht met zichzelf, of eigenlijk die vreemde band rondom zijn nek. Hij had gevraagd aan Ronodan of hij oké was, meer omdat hij niets anders kon bedenken om te vragen. Zachtjes had hij hierna met zijn snavel tegen de man zijn schouder aangeduwd, maar op beide acties kreeg hij geen reactie. De griffioen besloot om hem wat ruimte te geven en, na een aantal passen uit gegaan te zijn en een Dyo actie te hebben gedaan, begon het wezen weer tegen Ronodan te spreken. In stilte luisterde hij naar de man zijn woorden, woorden die ijzig waren. Dit was misschien wel niet de eerste keer dat hij dit had moeten doen. Nog altijd zonder een woord gezegd te hebben keek de griffioen naar de acties van de roodharige LM. Hoe hij opstond, even steun zoekende bij de muur, om daarna het lichaam van het meisje over zijn schouder te hijsen. De woorden, de mededeling, van Ronodan liet de griffioen voor een moment met een dicht snavel staan. Het was een onverwacht iets. Tot nu toe was Ronodan vrij bot geweest en had hij geprobeerd afstand te houden. Maar je hoorde Dyo niet klagen, want vragen; ja, die had hij zeker. ‘Kan je me iets vertellen over Reá?’ was het eerste wat hij vroeg. ‘En wat is er met die band rondom je nek?’ was de vraag die hij erna stelde. Kort was hij even stil, terwijl hij wat misplaatste veren gladstreek met zijn snavel. Het gaf hem iets langer om na te denken over een volgende vraag en het gaf Ronodan tijd om na te denken over zijn antwoord en om dat misschien ook uit te spreken. Over het meisje zou hij niet gaan vragen. Hij had daar wel genoeg van gehoord, gezien en gevoeld om een schatting te maken. ‘Hoe en waar wil je haar…. Het lichaam, gaan verbranden?’ waren de volgende woorden die hij sprak, terwijl hij de afschuw in zijn stem probeerde te maskeren. ‘En we gaan denk ik weg door één van de ramen?’ opperde hij, het een beter plan vindende dan door de school te lopen met een lijk. ‘Oh en Ronodan? Kan je vliegen?’ vroeg hij hem voorzichtig wetende dat de vraag op het randje zat. ‘Anders kan je wel op mijn rug…’ ging hij verder, nog even voorzichtig. Hij sprak niet hardop uit dat zijn landingen soms nog wel eens fout konden gaan. Dat vooral zijn poten hem zo nu en dan een brokkenpiloot maakte. Ergens wist hij wel, dat ze dat allebei doorhadden.

_________________
Terug naar boven Go down
Profiel bekijken
Ronodan
-
-
avatar

PROFILEElite
Real Name : Aylan
Posts : 1156
Points : 0
MAGICIAN
✦ CHARACTER ✦
Magic: Lucht, beetje aangeleerd vuur
Klas: none
Partner: Can you feel my heart? It's beating you name...

BerichtOnderwerp: Re: I can be the light of the fireflies decorating your grave || Dyonsius   do maa 30 2017, 22:13

Hij had de griffioen alleen maar recht aangestaard. 'Mijn bezoek aan Puffoon zal geen pleziertrip worden. Geloof me, je wil niet mee,' was het enige wat hij er verder nog over kwijt wilde. Dyo trok dit blijkbaar al niet. Als hij wist wat Ronodan van plan was te doen op Puffoon zou hij het hem alleen maar uit zijn hoofd proberen te praten. Hij keek naar Dyo toen de griffioen zich bij het gebeurde neer leek te leggen. 'Jij had in mijn plaats hetzelfde gedaan,' mompelde hij zacht. Het was de band om zijn nek die hem enkele tellen later bijna tot complete waanzin dreef. Een dezer dagen, dan zou het hem te veel worden. Dan zou de pijn in zoverre ondragelijk worden dat hij zichzelf nog liever van kant maakte. Schreeuwend en kronkelend onderging hij zijn vonnis en weer smeekte hij bijna in gedachten dat hij nog liever was opgehangen dan dit elke keer te moeten doormaken. Wederom zwoer hij bij alle goden die hij kende, als hij er ooit uit kwam zou hij zich compleet uitleven. Een gedachte waar hij nog eens extra om gestraft werd. Hij had geschokt en was tegen de grond geklapt om even later, toen alles weer voorbij was, Dyo tegen zijn schouder te voelen duwen. Het duurde even voordat hij weer in staat was te reageren op de griffioen, laat staan overeind te komen. Toen hij weer eenmaal stond gooide hij, de pijn in zijn lijf negerend maar zonder zichtbare moeite, het lijk over zijn schouder. Uiteindelijk keek hij Dyo weer aan, hem aangevend dat hij vrijuit mocht spreken of, voornamelijk vragen.

Hij sprong er meteen bovenop door de twee meest voor de handliggende vragen te stellen. 'Reá,' herhaalde hij zacht. Zijn blik ging naar het balkon waar de deuren eigenlijk alijd van open stonden. De gordijnen bewogen zachtjes op het kalme trekken en duwen van de wind. 'Reá was een legendarische magiër. Een beschermvrouwe van Puffoon. Zij bekleedde de positie voor mij. Zij was degene die me uit mijn gevangenis haalde….en degene aan wie ik dit te danken heb,' met zijn vrije hand raakte hij voorzichtig de band om zijn nek aan, bijna alsof hij bang was het ding opnieuw te activeren met die beweging alleen. 'Het zou me ervan moeten weerhouden...dingen als dit te doen,' probeerde hij zo eenvoudig mogelijk uit te leggen. Dyo had immers gezien wat er gebeurde als hij wel dingen uitvrat die niet gangbaar waren volgens dat onding. Hij liep ondertussen naar het raam en trok een van de gordijnen nog een stukje opzij om goed naar buiten te kunnen kijken. De zon was bezig om zijn afdaling te voltooien en de nacht in te zetten. Als ze niet de aandacht wilde trekken met een groot vuur moesten ze nu gaan. 'De ruïnes. Daar is genoeg beschutting en zal haar vervagende magische aanwezigheid genoeg verborgen blijven,' antwoordde hij kort maar bondig. Hij keek over zijn schouder naar Dyo toen de griffioen vroeg of hij wel kon vliegen. Elke andere dag had hij de jonge griffioen uitgefoetert voor het zelfs maar opperen van zoiets. Maar nu wendde hij enkel zijn blik af. 'Ik red me wel. Als we dit ongemerkt willen doen moeten we nu gaan,' sprak hij bars. Zijn vleugels verschenen. Twee paar met bloedrode veren bedekte vleugels die hem bijna volledig konden omsluiten. Net zo rood als de plassen bloed die het lichaam van de leerlinge had achtergelaten. Sommige geruchten gingen de ronde dat de rode kleur een achterblijfsel was van een zeer geweldadig leven, maar niemand had ooit het lef gehad om hem ernaar te vragen. Ronodan liep het balkon op, stapte op de rand, spreidde zijn vleugels en met enkele sterke slagen was hij weg, koersend naar de ruïnes die tussen de school en Oak's Field in lagen.

_________________
Celia || Aloiysius || Ronodan || Miss Oriël || Hunter || Mordecai


You cant do anything to me,
that I haven't done to myself yet...
Credits:
 
Terug naar boven Go down
Profiel bekijken
Dyonsius
-
-
avatar

PROFILEGuardian
Real Name : The Summoner
Posts : 49
Points : 0
MAGICIAN
✦ CHARACTER ✦
Magic: Air
Klas: x
Partner:

BerichtOnderwerp: Re: I can be the light of the fireflies decorating your grave || Dyonsius   ma apr 17 2017, 15:31

De oren op zijn kop liet hij, haast teleurgesteld, zakken. 'Maar-' verder sprak hij niet en de griffioen deed zijn snavel weer dicht. Het zou geen zin hebben, Ronodan had zijn zinnen er al opgezet. Het feit bleef dat Dyo graag nog een keer naar Puffoon ging, om te zien of hij toch nog een.. familielid of soortgenoot tegen kon komen. De kans was niet zeer groot, toen hij er had rondgezwerfd was hij er ook geen tegengekomen maar toch bleef er een vlammetje van hoop branden in zijn hartje. Zijn kop richtte hij weer op naar Ronodan toe, toen de adviseur zijn woorden hoorden. Hij was even stil terwijl hij er werkelijk over nadacht. ‘Misschien.. Ik zou het niet weten. Ik ben geen mens en.. dan nog, reageert alles en iedereen anders.’

En toen lag de LM kronkelend van de pijn op de grond. Waardoor.. wist Dyonsius niet precies. Hij wist ook niet goed hoe hij moest helpen en alles wat hij zei of deed, leek niet goed door te dringen tot de man. Het duurde dan ook even, tot Ronodan weer kon spreken. Overeind komen was een tweede. Dyonsius luisterde naar de woorden, dacht even na en stelde daarna meteen de twee meest voor de hand liggende vragen. Als hij dan toch alles mocht vragen.. deed hij dat ook. Hij wilde meer weten over deze.. situatie, deze man. Het was, vond hij, ook wel handig om meer te weten, als adviseurs zijnde. En deze kans liet hij niet gaan, want de man was al vrij gesloten. Tegen hem, dan in ieder geval.
Dyonsius keerde zijn aandacht weer op Ronodan, toen hij een zachte herhaling van de naam hoorde. In stilte bleef zijn blik gericht op de man, waarop hij verder geen antwoord gaf. Nog niet, eerst wilde hij enkel luisteren en hij was bang dat als hij iets zou zeggen, Ronodan zou stoppen met praten. De woorden verwarden hem lichtelijk. ‘Dus ze haalde je uit de gevangenis, maar gaf je een nare band?’ Hij schudde lichtelijk met zijn kop. ‘Waarom?’ vroeg hij. ‘Het is als iemand zijn vrijheid terug geven maar in werkelijkheid zit je in een glazen gebouw zonder uitweg. Weer gevangen. In iemand zijn macht of controle.’ En voor even zag hij zijn nestgenoten. Maar dit ging nu niet over hem, over die nare plek. Dit ging over Ronodan en dus schudde hij de herinnering weg en richtte zich op het heden. Hij begreep hieruit, uit de woorden, dat die Reá hem uit de gevangenis had gehaald, wist dat hij agressief kon zijn, hem een band gaf met.. iets om hem daarvan te weerhouden en… en dan? Als hij het probeerde gebeurden er nare dingen. Werd de roodharige gepijnigd. Afgestraft. ‘Waarom koos ze jou, als volgende beschermheer, als ze je niet vertrouwde?’ Vroeg hij, twijfelend. Daar kwam het voor hem op neer want waarom zou je anders iemand zo een band geven, als je die persoon niet vertrouwt of als je een persoon of wezen wilt trainen, maar dit waren zijn eigen gedachten, wist het antwoord nu nog niet en hij wilde Ronodan niet kwaad maken, iets wat hij hoopte goed over te brengen. Het enige wat hij wilde was het beter begrijpen. En als hij het allemaal goed gehoord had, toen hij als adviseur werd aangewezen, werden er mensen gekozen door een LM als opvolger.. en dat was dus Ronodan geweest in Reá haar geval. Hij deed zijn best om alles van de mensen te begrijpen maar zo nu en dan werd hij toch in een lichte verwarring gebracht. Of leerde hij weer nieuwe dingen. Of beide.

Inmiddels leek Ronodan ook al weer goed ter been. Het was nu dan ook dat hij overging op hetgeen wat nu ook moest gebeuren. Het lichaam. En dus vroeg hij naar een goede plek. En dat waren dus de ruines. ‘De Ruines.’ Herhaalde de griffioen zachtjes. Zijn volgende vraag was gewaagd, om het zo te noemen. En hij had haast verwacht dat er een snauw zou volgen, maar dat gebeurde gelukkig niet. Dyonsius antwoordde hem met een soort instemmend geluid, wat aangaf dat hij hem gehoord had en zou volgen. Hij zag Ronodan zijn vleugels tevoorschijn komen. Op het schoolterrein had hij meerdere geruchten gehoord over zijn vleugels, de één nog gekker dan de andere. De meest populaire die hij hoorde en die soms aan hem werd gevraagd, was dat de vleugels rood waren door al het bloed van Ronodan zijn slachtoffers. Iemand had hem zelfs gevraagd of de LM zijn vleugels regelmatig in nieuw bloed afwerkte. De jonge griffioen had die knul een paar seconden aangekeken waarna hij had geantwoord dat hij het echt niet wist en als hij dat wel deed het hun niets aanging. Zeker niet op zo een manier. Maar goed, echt geloven deed hij al die dingen niet. Zelf.. zelf dacht hij dat het misschien kwam omdat zijn haren ook rood waren.

In stilte volgde Dyonsius Ronodan naar het balkon, wachtte even totdat de man in kwestie zich afgezet had, waarna Dyo dat ook deed. Met een paar vleugelslagen en een goede afzet met zijn achterpoten van het balkon, zat ook hij in de lucht en vloog hij achter Ronodan aan, naar de ruines. Een vreemde spanning borrelde in hem, zenuwen en nerveusiteit. Een licht schuldgevoel. Maar dat waren emoties die hij nu, en bij deze lm, niet kon gebruiken. Het gevoel werd, voor nu eventjes, overspoeld door adrenaline. Maar dat kon ook komen doordat het wezen bijna in botsing kwam met een boom.

_________________
Terug naar boven Go down
Profiel bekijken
Ronodan
-
-
avatar

PROFILEElite
Real Name : Aylan
Posts : 1156
Points : 0
MAGICIAN
✦ CHARACTER ✦
Magic: Lucht, beetje aangeleerd vuur
Klas: none
Partner: Can you feel my heart? It's beating you name...

BerichtOnderwerp: Re: I can be the light of the fireflies decorating your grave || Dyonsius   di jun 06 2017, 09:37

Het was zijn eigen schuld. Door Dyo een vrijbrief te geven om vragen te stellen had hij kunnen verwachten dat die griffioen geen enkel antwoord zomaar aan zou nemen zonder er op z'n minst een extra vraag bij te stellen. Nu nog afgewend van het wezen had hij met zijn ogen gerold, ondertussen het gewicht van het lijk beter over zijn schouder verdelend. Hij was het balkon opgelopen voor hij zich half naar Dyo had omgedraaid na het horen van zijn vraag. 'Dat heeft ze niet gedaan. Ik ben hier omdat Reá geen andere keus had. Reá had geen opvolger. Ze koos mij omdat ik de enige in de buurt was toen ze stervend op de grond lag. Ze was gedwongen in haar keuze en heeft mij erin meegetrokken,' zei hij voordat hij zijn vleugels had gespreid en van het balkon was weggevlogen. De toon in zijn stem had vreemd geklonken. Een mengeling van onderliggende haat jegens Reá, irritatie om zijn eigen situatie. Maar ook… iets van pijn. Geen emotie die vaak in zijn stem doorklonk. Het was iets wat hij meestal voor zichzelf wenste te houden. Verborgen achter hatelijke opmerkingen en ijzige blikken. Wat zich precies afgespeeld had tussen hem en Reá die dag was iets wat verscholen bleef in de chaos van zijn gedachten.

De eerste paar slagen met zijn vleugels waren onwennig en hij moest meer dan eens zijn balans zoeken. Het was toch te snel geweest om nu al te gaan vliegen. Niet dat hij dit toe zou geven. Zeker niet aan Dyo. Hij klemde zijn kaken op elkaar en bleef stug doorvliegen, al was hij minder snel dan gebruikelijk. Hij had niet eens omgekeken om te kijken of Dyo hem gevolgd was. Hij was er gewoon vanuit gegaan dat de griffioen niet in Angani achter zou willen blijven. Zijn blik schoot opzij toen hij Dyo vanuit zijn ooghoek za stuntelen. Hij mompelde zacht iets in zijn eigen moedertaal. Erg leuk klonk het in elk geval niet. Zijn blik keerde terug naar de uitgestrekte horizon voor hem om afwisselend naar de grond onder hem te schieten. Ze zaten te hoog voor de meeste mensen om te onderscheiden dat hij niet alleen was en het zou niet de eerste keer zijn dat hij op ongebruikelijke tijden wegvloog. Toch. Hij wilde het risico beperken. Vooral omdat hij ook Dyo had om op te letten. Hij wachtte tot de grffioen zijn eigen vleugels onder controle had en binnen gehoorafstand vloog. 'Als we terug naar Angani gaan kan ik je sterk aanraden om eens te gaan oefenen met vliegen,' Dit is gewoon sneu. Oké, dat zei hij niet hardop. Maar hij dacht het wel.

Pas zodra de zon al half verdwenen was landde hij bij de ruïnes waar hij het lijk van zijn schouder liet vallen en zijn schouder losschudde. Voor baggage was ze redelijk zwaar. Hij keek er even naar voordat zijn hoofd weer opschoot en Dyo zocht. Nu was niet de tijd om terug te vallen in gedachten. 'We hebben droge bladeren nodig om het vuur snel aan te kunnen steken,' Het was geen vraag, het was een bevel. Zelf ging hij op zoek naar hout.

_________________
Celia || Aloiysius || Ronodan || Miss Oriël || Hunter || Mordecai


You cant do anything to me,
that I haven't done to myself yet...
Credits:
 
Terug naar boven Go down
Profiel bekijken
Dyonsius
-
-
avatar

PROFILEGuardian
Real Name : The Summoner
Posts : 49
Points : 0
MAGICIAN
✦ CHARACTER ✦
Magic: Air
Klas: x
Partner:

BerichtOnderwerp: Re: I can be the light of the fireflies decorating your grave || Dyonsius   vr sep 15 2017, 18:05

Zich stil houdende luisterde Dyonsius naar het antwoord van Ro. Over hoe deze.. Reá hem een legendarische magiër had gemaakt. 'Ah..' Hij liet zijn gepluimde oren wat hangen bij het horen ervan, en voordat hij de tijd had om enige vorm van een goed antwoord te geven, spreidde Ronodan zijn felrode vleugels en zette zich af van het balkon. Dyo volgde hem, zo goed als hij kon met een boom die zomaar opdook. Zachtjes mopperend vloog de griffioen richting Ronodan, en een hoorbare haast sissend geluid van irritatie ontsnapte het wezen zijn snavel bij het horen van de woorden van de man. 'Ik ben steeds aan het oefenen. Je bent niet de enige die hierdoor gefrustreerd raakt.' Sprak hij terug, lichtelijk gepikeerd. Het was meer dan frustrerend om steeds zo in onbalans te zijn. Het stond in de weg bij vele belangrijke, dagelijkse bezigheden. Zoals zich snel verplaatsen of jagen.

De lucht kleurde langzaamaan donkerder, af en toe wat rozig, terwijl de zon aan het ondergaan was. Het wezen volgde de LM toen die zijn landing inzette. Dyo landde redelijk goed, er was deze keer maar een klein beetje aarde los gewoeld door zijn voorpoten en hij stond nog op alle vier zijn geklauwde poten. Hij schudde zijn vleugels even uit voordat hij ze rustig tegen zijn lijf aan vouwde. De stem van zijn LM klonk weer en Dyo knikte, maar was niet zeker of het gezien werd. Voor even bekeek hij het zielloze lichaam van het jonge meisje, en schoof zijn gedachten over dat ze een menselijk kind was weg om daarna te gaan doen wat er van hem gevraagd werd. Dit alles was makkelijker als hij over haar dacht als een prooi die hij moest begraven of een dood dier die hij toevallig tegenkwam.

Droge bladeren vond hij al snel bij een hoge boom. De grond omringt door verschillende kleuren. Met zijn snavel pakte hij er een paar op, om ze daarna weer te laten vallen. Ze enkel zo meenemen zou lang gaan duren. Misschien waren de bladeren die nog aan de takken hingen ook droog? De griffioen stapte naar een lagere, dichtbijstaande, boom en begon voorzichtig op zijn achterpoten te staan. Met zijn snavel brak hij de tak doormidden om daarna de bladeren te bekijken en aan te voelen. Maar deze waren nog niet allemaal droog.. een paar maar en de rest was nog mooi groenig. Dat was jammer, takken vol meenemen was makkelijker, meer bladeren in één keer, maar Ronodan had echt droge bladeren gezegd. Zoals die op de grond. Dan maar op een andere manier proberen. Ach, hij had in ieder geval weer goed op zijn achterpoten gestaan en daarvoor gaf hij zichzelf een complimentje.

Met een zacht gegrom over groene bladeren, wandelde hij terug naar de hoge boom die omringt was met oranje rood. Een klein deel van de bladeren nam hij mee in zijn snavel, met zijn geklauwde voorpoten probeerde hij zo goed als het ging een groter deel bladeren mee te nemen. Steeds een stapje achteruit, terwijl hij zijn poten één voor één over de grond schraapte. Er ging aarde mee, maar of dat erg was? Het hielp de bladeren wat beter bij elkaar te houden. Alsnog floepte er zo nu en dan wat blaadjes uit, en de achtergebleven bladeren maakten bijna een mooi spoor. Zo nu en dan blies de wind er weer een paar weg en onderweg kwam hij zo nu en dan ook nieuwe hoopjes bladeren tegen. Deze probeerde hij er zo goed mogelijk bij te krijgen. Hoelang Dyo bezig was, zo langzaam en voorzichtig achteruit lopende om bladeren mee te krijgen, daar had hij geen flauw besef van. De griffioen was te gefocust op zijn taak en zijn route om daarop te letten. Toen hij eindelijk weer bij de plek was, met zijn hoopje bladeren, liet hij het kleine beetje vanuit zijn snavel vallen. De griffioen liet zijn achterhand op de grond vallen en drapeerde zijn staart over zijn voorpoten. Toen hij Ronodan in zijn vizier kreeg, liet hij zijn blik weer afdwalen naar het hoopje zand en droge bladeren. 'Is dit genoeg, of is er meer nodig?' luidde de vraag die hij stelde.

@Ronodan

_________________
Terug naar boven Go down
Profiel bekijken
Gesponsorde inhoud



PROFILE
MAGICIAN

BerichtOnderwerp: Re: I can be the light of the fireflies decorating your grave || Dyonsius   

Terug naar boven Go down
 

I can be the light of the fireflies decorating your grave || Dyonsius

Vorige onderwerp Volgende onderwerp Terug naar boven 
Pagina 1 van 1

 Soortgelijke onderwerpen

-
» Lesson Light Magic 1 - Catch Light
» {{RPG}} Dreamhorses
» the light can save the world
» Light in the darkness..
» Survival lesson 1: Introduction and a nifty light in the dark

Permissies van dit forum:Je mag geen reacties plaatsen in dit subforum
Starshine Academy ::  :: Headmaster's Office :: The Tower :: Angani - The Room of Air-